Header afbeelding

Jokes' verhaal over longkanker

"Wie wil koffie. Wie thee?" Joke gaat opgewekt de wachtkamer rond. Als je niet beter weet, zou je denken dat ze in het ziekenhuis werkt. Ze houdt van gezelligheid, een praatje en een grapje. Ook nadat drie jaar geleden longkanker werd geconstateerd. “Ik laat me niet kisten. Er zijn nog zoveel leuke dingen in het leven.”

Haar man Ad, fijne kinderen en kleinkinderen. Genoeg om voor te leven. “Natuurlijk moest ik een en ander inleveren. Ik wil vaak meer dan ik kan. Als het een beetje weer is, dan ga ik op mijn scootmobiel overal naar toe. Soms doe ik teveel. Dokter Van Walree (longarts) reageert dan weer hoofdschuddend: ‘Je mankeert ook niets hè?’ Een maand geleden ben ik nog bij hem geweest. Er zat toen een heel klein plekje op de longen. Voor de zekerheid zijn ze gaan bestralen.” 

Hoewel Joke er met haar kleurige kleding en fraaie pet – ze heeft inmiddels een hele collectie – goed uitziet, is ze toch best moe van de recente bestraling. “En ik heb wat last met slikken. Maar ik ben niet zielig hoor. Wat niet gaat, dat gaat niet. Ik weet dat de kanker niet meer weggaat, maar ik ga niet bij de pakken neerzitten. En meestal sta ik er niet eens bij stil.” 

Ze heeft veel gehad aan de mensen in het ziekenhuis. “In het bijzonder aan verpleegkundige Peter, echt een leuke knul. Maar hij niet alleen. Iedereen in het ziekenhuis nam de tijd voor me. Je voelt echt dat je geen nummer bent. Het is oprechte aandacht. Ook van dokter Van Walree. Toen ik weer opgenomen was, kwam hij speciaal voor zijn dienst, even langs op mijn kamer.” 

Veel mensen in het ziekenhuis kennen haar inmiddels, weet Joke. Ze praat graag medepatiënten moed in en valt op door haar vrolijkheid en nuchterheid. “Natuurlijk ben ik ook wel eens kribbelig hoor. Maar zolang er strohalmen zijn, ga ik gewoon door.” 

Deze website maakt gebruik van cookies.

Amphia gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies in onze disclaimer.