Verwijdering van de blaas

Oncologische urologie

Behandeling

Wanneer u een invasief groeiende tumor in uw blaas heeft (blaascarcinoom), dan bestaat de kans dat deze doorgroeit in het omliggende weefsel. Blaasspoelen is dan onvoldoende; uw hele blaas moet worden verwijderd (cystectomie). Deze operatie wordt meestal uitgevoerd met robotchirurgie. Bij een man worden tijdens deze operatie ook de prostaat en de zaadblaasjes verwijderd. Bij vrouwen verwijderen we de baarmoeder, de vaginatop en de eierstokken. Na een volledige blaasverwijdering, leggen we een urinestoma aan óf maken we een nieuwe blaas.
Voordat u geopereerd wordt, heeft u een afspraak met de stomaverpleegkundige. Zij is gespecialiseerd in het begeleiden van mensen met een stoma. Ze geeft u informatie over de operatie en de gevolgen daarvan. 

De dag voor de operatie wordt u opgenomen. U krijgt dan medicijnen om uw darmen leeg en schoon te maken (laxeren). Dit is nodig omdat we voor het maken van een stoma of een nieuwe blaas een gedeelte van uw darm gebruiken. Als u een stoma krijgt, bepalen we de dag voor de operatie de plaats daarvan.

Meer informatie over deze behandeling vindt u in onze folder.

Tijdens de blaasverwijdering bent u onder volledige narcose. De uroloog begint met het beoordelen van de lymfeklieren in het kleine bekken. Uitzaaiingen (metastasen) van een blaastumor verspreiden zich namelijk via de lymfeklieren naar andere delen van uw lichaam. De lymfeklieren worden daarom verwijderd en tijdens de operatie beoordeeld door de patholoog-anatoom. Als in de lymfeklieren uitzaaiingen worden gevonden, maakt de uroloog een keuze om de blaas wel of niet te verwijderen. Het kan dan nodig zijn om voor een andere behandeling te kiezen, zoals bestraling of chemotherapie. De operatie duurt vier tot zes uur en wordt in principe uitgevoerd met de operatierobot.

De meeste mensen blijven één nacht op de Intensive Care voor controle. Als uw gezondheid het toelaat, gaat u de volgende dag terug naar de verpleegafdeling. 

In uw buik zitten één of twee slangetjes (drains) om het wondvocht af te voeren. We controleren uw urineproductie regelmatig. Als u een urinestoma heeft, loopt de urine in het opvangzakje. In het stoma liggen twee kleine slangetjes. Deze komen vanuit de nieren, via de urineleiders in het darmlisje, in het stoma. Zij zorgen voor een goede afvoer van de urine. Na ongeveer zeven dagen mogen deze slangetjes eruit; soms laten ze spontaan los. 

De darmwerking komt langzaam op gang. Als uw darmen en stoelgang weer volledig op gang zijn, mag u weer normaal eten. De totale opnameduur is ongeveer zeven tot tien dagen. 

Neem contact op met de polikliniek Urologie wanneer u: 
  • Pijnklachten heeft
  • Koorts heeft en uw temperatuur boven de 38,5 °C ligt of langer dan 24 uur achter elkaar 38 °C is
  • Bloedverlies heeft vanuit het urinestoma of de plasbuis
  • Geen urineproductie meer heeft

Aanvullende informatie

Wie zorgt er voor mij?

Op de polikliniek Urologie werken twee gespecialiseerde oncologieverpleegkundigen, die u en uw naasten begeleiden. U wordt daarnaast begeleid door een stomaverpleegkundige, een fysiotherapeut en een diëtist.

Kwaliteit

De urologen zijn gespecialiseerd in de robotchirurgie, daarnaast voldoet de afdeling aan alle kwaliteits- en volumenormen van de zorgverzekeraars en de Nederlandse Vereniging voor Urologie (NVU).

Samenwerkingsverbanden

Amphia werkt nauw samen met het Erasmus Medisch Centrum en het Daniel den Hoed Kankercentrum. Het Instituut Verbeeten voor radiotherapie is zelfs gevestigd op de locatie Breda Molengracht. De afdeling Urologie overlegt structureel met de afdelingen Oncologie, Pathologie en Radiologie.

Gerelateerde onderzoeken en behandelingen

Behandeling van blaaskanker

Toegangstijd en wachttijd in dagen

Afdeling Behandeling Polikliniekbezoek  (Toegangstijd) Poliklinische behandeling  (Wachttijd) Dagbehandeling  (Wachttijd) Opname  (Wachttijd)
Oncologische urologie Verwijdering van de blaas * 39
(*) De wachttijd tot behandeling bij de met (*) gemarkeerde indicaties komt overeen met de indicaties zoals gesteld door de Nederlandse Zorgautoriteit. Bekijk het overzicht met de door NZa gehanteerde terminologie.