Oh nee, IE...

We zien dat je Internet Explorer gebruikt, een oude en onveilige browser. Daardoor kunnen we je niet de mooie website voorschotelen die we zouden willen.

Je bent van harte welkom in elke andere browser zoals bijvoorbeeld Chrome, Firefox of Microsoft Edge. Wij wachten hier wel, tot zo!

Welkom bij Amphia
Patiënteninformatie

Zoeken

Uw bezoek aan Amphia en COVID-19. Lees hier meer over de aangepaste zorg en maatregelen.
Coloscopie voorbereiding met Eziclen®
Aanmaakdatum: | Geüpdatet op

Coloscopie voorbereiding met Eziclen®

Onderzoek van de dikke darm - Endoscopieafdeling

Inleiding
Binnenkort wordt u in ons ziekenhuis verwacht voor een coloscopie. In deze folder krijgt u meer informatie over het onderzoek, over de voorbereidingen die u dient te treffen, over wat u op de dag van het onderzoek staat te wachten en over wat u na afloop kunt verwachten.

Wat is een coloscopie?
Door middel van een coloscopie wordt het slijmvlies (de binnenbekleding) van de gehele dikke darm en eventueel het laatste gedeelte van de dunne darm bekeken. Het onderzoek gebeurt met een flexibele slang (endoscoop) waarvan de tip bestuurbaar is. Aan het uiteinde van de slang zit een lampje dat de binnenkant van uw darm verlicht en een kleine camera waardoor het onderzoek op een televisiescherm te volgen is. Het onderzoek duurt 30 tot 45 minuten. Als er een behandeling wordt uitgevoerd, zoals het verwijderen van poliepen, kan het onderzoek langer duren.

Voorbereiding
Om de dikke darm van binnen goed te kunnen bekijken moet deze helemaal schoon zijn. Dit zult u in de dagen voorafgaand aan het onderzoek zelf thuis moeten doen. Het voorbereidingsschema vindt u aan het einde van deze folder. Afhankelijk van het tijdstip van het onderzoek volgt u het bijbehorend laxeerschema. Het is zéér belangrijk dat u de instructies goed opvolgt. Als de darm niet goed schoon is, kunnen afwijkingen over het hoofd worden gezien. Tevens kan het onderzoek hierdoor langer duren en pijnlijker zijn.

Hoe vindt het onderzoek plaats?
U meldt zich bij het Endoscopiecentrum. U wordt opgenomen op de dagbehandeling alwaar een infuusnaaldje wordt ingebracht. Vervolgens wordt u naar de onderzoekskamer gebracht. Er wordt gevraagd om op uw linkerzij te gaan liggen. Vervolgens krijgt u via het infuusnaaldje het roesje en eventueel een pijnstillend middel toegediend. Omdat het slaapmiddel de ademhaling kan beïnvloeden wordt met een metertje de polsslag en de ademhaling gecontroleerd.

De arts schuift de endoscoop voorzichtig de darm in tot aan de aansluiting met de dunne darm. Het uitbochten van de darmen met de endoscoop kan gevoelig zijn. Tijdens het onderzoek wordt er lucht in de darm geblazen, zodat de darm zich kan ontplooien. Soms is dit wat pijnlijk, als u een wind laat zakt de pijn meestal af. Het is het beste als u zich tijdens het onderzoek probeert te ontspannen. De verpleegkundige zal u hiervoor aanwijzingen geven.

Tijdens het terugtrekken van de endoscoop wordt het slijmvlies van de darm nauwkeurig bekeken. Ook kan er een stukje weefsel worden weggenomen (biopt), of een poliep (paddestoelachtig vormsel) worden verwijderd. Dit is niet pijnlijk, maar kan soms wel wat bloedverlies geven. Het afgenomen weefsel wordt voor verder onderzoek opgevangen. Het onderzoek wordt verricht door een maag-darm-leverarts, internist of een chirurg al dan niet in opleiding.

Een 'roesje'
Een roesje is een slaapmiddel. U bent zich hierdoor wat minder bewust van de dingen die er om u heen gebeuren. Het is geen narcose. Als de arts met u een roesje heeft afgesproken dan moet u voor het onderzoek worden opgenomen in het ziekenhuis (meestal op de dagbehandeling) en na het onderzoek nog 1 à 2 uur blijven. U mag na een ‘roesje’ alleen onder begeleiding naar huis en u mag niet actief aan het verkeer (auto/fiets/openbaar vervoer) deelnemen. Uw begeleider moet u persoonlijkophalen van de dagbehandeling (niet in de centrale hal of voor het ziekenhuis). Dit is voor uw eigen veiligheid. Indien dit niet geregeld is, kan het onderzoek niet plaatsvinden.

Na afloop
Na het onderzoek kunt u het best proberen de ingeblazen lucht kwijt te raken. Winderigheid is normaal en helpt een gevoel van kramp of pijn te laten verdwijnen. De pijn of de krampen verdwijnen meestal binnen enkele uren.

Wanneer hoort u de uitslag?
Vaak, maar niet altijd, bespreekt de arts de bevindingen direct na afloop van het onderzoek. Door het roesje is het mogelijk dat u de informatie vergeet. De uiteindelijke uitslag wordt besproken door de arts die het onderzoek heeft aangevraagd.

De uitslag van eventueel weefselonderzoek (biopt of poliep) is na ongeveer een week beschikbaar.

  • Als u via de huisarts bent verwezen, hoort u de definitieve uitslag via uw huisarts.
  • Als u via de specialist bent verwezen, hoort u de definitieve uitslag op de polikliniek.
  • Als u bent opgenomen, hoort u de definitieve uitslag van uw behandelend arts.

Mogelijke complicaties
Een coloscopie is een veilig onderzoek. Complicaties komen niet vaak voor (in minder dan 1% van het aantal onderzoeken). Complicaties die kunnen optreden zijn bloedingen of een scheurtje in de darm (perforatie). Deze complicaties kunnen vooral optreden na het verwijderen van poliepen. In enkele gevallen kan een complicatie leiden tot een ziekenhuisopname en soms tot een operatie.

Wanneer contact opnemen?
Als u na het onderzoek last krijgt van toenemende buikpijn, koorts of voortdurend bloedverlies (na een biopt is het normaal dat u een klein beetje bloed verliest), neem dan contact op met het ziekenhuis. Buiten kantooruren belt u het algemene nummer van het ziekenhuis en vraagt naar de spoedeisende hulp: 076 595 5000

Voorbereiding
1 week voor het onderzoek

  • Gebruikt u ijzertabletten (Ferro-gradumet® of Ferrofumaraat®) dan moet u daarmee stoppen. Na het onderzoek kunt u deze medicatie weer voortzetten.
  • Bloedverdunnende medicijnen moeten in sommige gevallen in overleg met uw arts enkele dagen van te voren worden gestopt:
    • Gebruikt u alleen acetylsalicylzuur, Ascal®, Acetosal®, clopidrogel of plavix®
    • Gebruikt u een combinatie van bovengenoemde medicijnen, dan moet één van de twee middelen 5 dagen van tevoren gestopt worden.
    • Bloedverdunners waarvoor u bij de trombosedienst loopt moeten meestal worden gestopt.
    • Als u bloedverdunnende spuitjes (bijv fraxiparine ®) gebruikt, dan mag het laatste spuitje worden gegeven ten laatste 8 uur voor het onderzoek (dus de avond voor het onderzoek).

Het is belangrijk dat dit van tevoren goed is afgesproken. Soms is het te gevaarlijk om bloedverdunners te stoppen, zoals bij een kunstklep of een stent(metalen buisje) in een van de kransslagaders, of als u een ritmestoornis heeft in combinatie met andere problemen zoals hartfalen, TIA, hoge bloeddruk of suikerziekte. In dat geval worden er soms spuitjes of andere vervangende middelen voorgeschreven. Bij vragen hierover neemt u contact op met de arts die het onderzoek heeft aangevraagd.

48 uur voorafgaand aan het onderzoek
Vanaf 48 uur voor het onderzoek moet u een vezelarm dieet volgen.

Wat mag u dan niet eten:

  • Volkoren graagproducten zoals brood met zaden en volkorenbrood.
  • Volkoren- en meergranen pasta en zilvervliesrijst.
  • Groenten: Asperges, bleekselderij, zuurkool, snijbonen, sperziebonen, prei, doperwten, peulvruchten, taugé, maïs, champignons, tomaten, ui, knoflook, spinazie, andijvie, paprika, rauwkost.
  • Fruit: Sinaasappel, grapefruit, mandarijnen, kiwi’s, bramen, druiven, aardbeien en gedroogde vruchten.

Wat mag u dan wel eten:

  • Beschuit, wit- of lichtbruinbrood met margarine of boter.
  • Magere vleeswaren, gekookt ei, hagelslag, chocoladepasta, honing, stroop en jam zonder pitjes.
  • Groenten: gaar gekookt zoals jonge bietjes, bloemkool, broccoliroosjes, worteltjes.
  • Warme maaltijd: soep met stukjes vlees, vermicelli en/of soepballetjes (zonder groenten), aardappelen, witte rijst, pasta, licht gebraden mager vlees, vis of kip (zonder vel)
  • Desserts: vla, pudding, kwark of yoghurt.

Hoe dient u Eziclen te gebruiken?
1 dosis bestaat uit onderstaande 4 stappen. Deze herhaalt u na 10 à 12 uur zoals aangegeven in het toedieningsschema op de volgende pagina. In totaal drinkt u dus minimaal 3 liter (2 x 0,5 liter Eziclen oplossing + 2 x 1 liter water of heldere drank.

Belangrijk: Sla stap 1 en 2 nooit over. Drink de vloeistof uit de bruine flacon nooit onverdund op.

  • Stap 1 - De inhoud van 1 flacon Eziclen dient in de bijgeleverder beker gegoten te worden.
  • Stap 2 - Vervolgens vult u de beker aan met water tot aan de vullijn (d.w.z ongeveer 0,5 liter)
  • Stap 3 - Drink deze oplossing vervolgens verspreid over 1 uur op. Dus niet snel in één keer opdrinken.
  • Stap 4 - Tenslotte drinkt u in de volgende 2 uur twee tot aan de vullijn gevulde bekers (dus in totaal 1 liter) met dranken uit de lijst zoals verderop aangegeven.

Vanaf nu volgt u het schema dat voor u van toepassing is:

Schema 1 (Coloscopie afspraak tussen 8:00 en 10:30 uur):

  • Op de dag voor het onderzoek: Er mag een licht vezelarm ontbijt gegeten worden. Daarna mogen alleen nog heldere vloeistoffen worden gedronken.
  • 18:00 uur: 1e dosis
  • 22:00 uur: neem 2 tabletten Bisacodyl in
  • Op de dag van het onderzoek om 04:00 uur: 2e dosis

Schema 2 (Coloscopie afspraak tussen 10:30 uur en 13:00 uur):

  • Op de dag voor het onderzoek: er mag een licht vezelarm ontbijt gegeten worden. Daarna mogen alleen nog heldere vloeistoffen worden gedronken.
  • 18:00 uur: 1e dosis 22:00 uur: neem 2 tabletten bisacodyl in
  • Op de dag van het onderzoek om 06:30 uur: 2e dosis

Schema 3 (Coloscopie afspraak tussen 13:00 uur en 15:00 uur):

  • Op de dag voor het onderzoek: er mag een licht vezelarm ontbijt gegeten worden. Daarna mogen alleen nog heldere vloeistoffen worden gedronken.
  • 20:00 uur: 1e dosis
  • 22:00 uur: neem 2 tabletten bisacodyl in
  • Op de dag van het onderzoek: 09:00 uur: 2e dosis

Schema 4 (Coloscopie afspraak tussen 15:00 uur en 17:00 uur)

  • Op de dag voor het onderzoek: er mag een licht vezelarm ontbijt gegeten worden. Daarna mogen alleen nog heldere vloeistoffen worden gedronken.
  • 20:00 uur: 1e dosis
  • 22:00 uur: neem 2 tabletten bisacodyl in
  • Op de dag van het onderzoek om 11:00 uur: 2e dosis

Welke vloeistoffen kunt u wel en niet drinken?

  • Wel: water, thee (zonder melk), limonade zonder koolzuurgas, gezeefde vruchtensappen zonder vruchtvlees, koffie (zonder melk), limonade met koolzuurgas, heldere soep of bouillon.
  • Niet: rood of paars gekleurde dranken, alcoholische dranken en melk

Medicijnen
Indien u medicijnen gebruikt, dient u met uw arts te overleggen of u deze medicijnen de ochtend van het onderzoek wel moet innemen. Bent u diabetespatiënt overleg dan met uw arts of en hoe u het gebruik van tabletten of de insulinedosering moet aanpassen.

Wanneer is uw darm schoon?
Uw darm is pas schoon als er uitsluitend lichtgele en heldere vloeistof uit komt. Drink alle voorgeschreven laxeervloeistof op, ook als u denkt dat de darm al schoon is. Het blijkt dat mensen die minder vloeistof drinken dan de voorgeschreven 4 liter, toch niet goed schoon zijn.

Algemene tip
Staat u ook voor een maagonderzoek gepland? Dan mag u 4 uur voor het onderzoek niets meer drinken. Dus de laxeervloeistof moet u hiervoor opgedronken hebben.

Wat te doen bij problemen met de voorbereiding?
Heeft u problemen met het drinken van de vloeistof? Heeft u bijvoorbeeld last van misselijkheid of braken? Of twijfelt u of uw darm schoon is? Neem dan contact op met de afdeling endoscopie. Voor vragen over medicijnen dient u contact op te nemen met de arts die het onderzoek heeft aangevraagd.

Wilt u niet vergeten:

  • Een eventuele aanvraag van de huisarts mee te nemen.
  • De vragen aan het einde van deze brochure te beantwoorden.
  • Deze folder mee te nemen op de dag van het onderzoek.

Incontinentiemateriaal
Het laxeren voor een darmonderzoek gaat gepaard met waterdunne diarree. Uw darm moet immers goed schoon worden gespoeld. Alleen als de darm schoon is kan deze goed worden onderzocht. Wij raden u daarom aan te overwegen om incontinentie materiaal in huis te halen voordat u met de voorbereiding start. Dit incontinentie materiaal is verkrijgbaar bij een drogist.

Wilt u deze vragen beantwoorden, voorafgaand aan het onderzoek?

Gebruikt u, normaal gesproken, bloedverdunnende geneesmiddelen zoals aspirine, acetosal, aspirine-achtige pijnstillers (NSAID’s), plavix, sintrom (acenocoumarol) of marcoumar (fenprocoumon)?
Heeft u problemen met uw bloedstolling (blauwe plekken, nabloeding bij de tandarts etc.)?
Heeft u een afwijking aan uw hart of bloedvaten waardoor u bij ingrepen van te voren antibiotica moet gebruiken?
Bent u drager van een ICD-apparaat (defibrillator) of pacemaker?

 

Heeft u nog vragen?
Aarzel niet en stel uw vragen aan de verpleegkundige van de endoscopiekamer of aan de arts die het onderzoek uitvoert. Heeft u thuis, voorafgaande aan het onderzoek, nog vragen? Bel dan tijdens kantooruren naar de endoscopieafdeling van de locatie waar het onderzoek plaatsvindt: Langendijk en Molengracht: (076) 595 5071

Tot slot
Mocht u verhinderd zijn, geeft u dit dan minimaal 24 uur van te voren door aan de endoscopieafdeling. Wij kunnen uw plaats dan voor een andere patiënt gebruiken! Ook als het voorbereiden mislukt, dient u dit zo snel mogelijk door te geven aan de endoscopieafdeling.

Meer lezen over maag-, darm- en leverziekten in Amphia?

Ga naar afdeling MDL