Header afbeelding

Oogproblemen

Oogproblemen kunnen zich voordoen in verschillende vormen. Ze kunnen het dagelijks leven ernstig beïnvloeden. Sommige problemen kunnen eenvoudig verholpen worden. Bij andere aandoeningen is een snelle aanpak vereist om blijvende schade te voorkomen. De meest voorkomende problemen hebben wij hieronder voor u uiteen gezet. 

Oogleden

Ontsteking ooglidranden (blepharitis)

Blepharitis of ooglidrandontsteking wordt gekenmerkt door jeuk, irritatie en verdikte ooglidranden met schilfertjes tussen de wimpers. De klachten zijn vaak chronisch en kunnen van tijd tot tijd verergeren. Blepharitis is vooral lastig en soms cosmetisch onaantrekkelijk. De behandeling van blepharitis is er dan ook op gericht deze klachten te verminderen. Uw oogarts zal blepharitis zeker behandelen wanneer u een oogoperatie moet ondergaan in verband met de verhoogde kans op infectie na de operatie.

Entropion / Ectropion

De onderoogleden kunnen, vooral op oudere leeftijd, naar binnen (entropion) of naar buiten (ectropion) draaien. Dat komt doordat het ooglid is verslapt of door littekens of huidziekten. Bij een entropion of ectropion kan uw oog geïrriteerd raken, rood worden en kunt u slechter gaan zien. Bij een naar buiten gedraaid ooglid (ectropion) wordt uw oog bovendien gevoelig voor fel licht en wind. Een naar binnen gedraaid ooglid (entropion) schuurt met zijn huid en oogharen over het oog. Op de lange duur kan dit schade veroorzaken aan het hoornvlies. In beide gevallen kan een operatie komst bieden.  

Chalazion

Een chalazion is een zwelling van een talgklier (kliertje van Meiboom) in het ooglid. Per ooglid zijn er hier enkele tientallen van. Door het verstopt raken van de uitvoergang kan de talg niet meer naar buiten komen en hoopt zich op in het kliertje. Het is een steriele ontsteking, die soms in tweede instantie gepaard kan gaan met een bacteriële ontsteking (infectie).De ontsteking uit zich als een zwelling, net boven of onder de rand van het ooglid. Het hele ooglid kan in korte tijd rood en gezwollen raken. De zwelling kan zowel pijnlijk als pijnloos zijn. 

Hoornvlies en Slijmvlies

Hoornvliestransplantatie

Het hoornvlies zit aan de voorkant van het oog en het netvlies vangt het licht op achter in het oog. Als het hoornvlies troebel of vervormd raakt door beschadiging of een ziekte, dan belemmert dit de lichtinval in het oog. Het netvlies ontvangt dan geen helder beeld meer en het zicht verslechtert. Hiervoor kunnen verschillende oorzaken zijn. Uw oogarts kan u vertellen welke hoornvliesaandoening bij u de oorzaak is van de verslechtering van uw zicht.

Pterygium

Het bindvlies (conjunctiva) is een dun vliesje met bloedvaten. Het bedekt de binnenkant van uw oogleden en de buitenkant van de oogbol. Het zorgt onder andere voor de verdeling van traanvocht.  Het hoornvlies (cornea) is het heldere venster aan de voorkant in het midden van het oog. Hierin zitten geen bloedvaten. Bij pterygium groeit weefsel met bloedvaten vanuit het bindvliesweefsel in en over het hoornvlies naar het centrum van het hoornvlies en de pupil toe. Hoewel sprake is van groeiend weefsel is het geen kwaadaardige aandoening.

Droge ogen

Ogen zijn te droog als er te weinig tranen zijn of als de tranen van slechte kwaliteit zijn. Hierdoor wordt het oog niet goed vochtig gehouden. Het gevolg is dat de ogen branden, steken of slijm afscheiden. Soms leidt dit juist tot een teveel aan tranen, deze noemen we reflextranen. Deze tranen zijn echter niet van dezelfde samenstelling als de normale tranen. Hierdoor lossen ze het probleem van droge ogen niet op, ze blijven niet op het oog liggen, maar rollen over de wangen.

Tranende ogen

Kleine klieren van het slijmvlies en van de ooglidranden produceren traanbestanddelen. Deze zorgen ervoor dat het oog steeds ‘gesmeerd’ is.

Naast het ‘smeren’ hebben de tranen een afweerfunctie en voeren ze viezigheid af. Bij een verstopt systeem gaat dit niet en kunnen ziektekiemen een ontsteking veroorzaken.

Ooglens

Staar

Achter de pupil van een oog zit een heldere en doorzichtige lens. Naarmate iemand ouder wordt, neemt de helderheid hiervan af. Dat leidt tot ouderdomsstaar: een normaal verouderingsproces. Staar is met een korte operatie te verhelpen. Sinds april 2017 heeft Amphia twee nieuwe ultramoderne operatiekamers waar patiënten aan staar worden geholpen. Lees meer over de behandeling.

Staaroperatie

Nastaar

In het oog zit de lens achter de iris. De lens zit in een zakje. Dit is het kapsel. Als de lens troebel wordt, noemen we dat staar of cataract. Bij een staaroperatie wordt de troebele lens uit het lenszakje gehaald door een kleine opening in het oog. In dit zakje wordt meestal de kunstlens geplaatst. Het dunne achterste kapsel kan soms krimpen en weer troebel worden. U merkt dit doordat uw gezichtsvermogen ten opzichte van de tijd vlak na de operatie wat achteruit gaat. Met name bij het lezen kan dit hinderlijk zijn. Deze troebeling heet nastaar. Dit is geen uitzondering: nastaar komt bij meer dan de helft van de staar-patiënten voor. Soms binnen een half jaar na de operatie, vaak pas na jaren.

Glasvocht en netvlies

Glasvochtloslating

Het oog is een bolletje dat niet gevuld is met lucht, maar met een gelei-achtig materiaal, dat we het glasachtig lichaam of glasvocht noemen. Dit glasachtig lichaam zit op enkele plekken vastgeplakt aan de binnenbekleding van het oog (netvlies). Het loslaten van het glasachtig lichaam wordt een glasvochtloslating genoemd.

Macula degeneratie

Macula degeneratie (MD) is een oogaandoening in het centrale gedeelte van het netvlies. ‘Macula lutea’ staat voor ‘gele vlek’. MD is eigenlijk een verzamelnaam voor oogaandoeningen die allemaal schade aanrichten op dezelfde plek in het oog: de macula (het centrale deel van het netvlies). De manieren waarop ze ontstaan kunnen verschillen.

Netvliesloslating

Netvliesloslating wordt veroorzaakt door één of meer scheurtjes in het netvlies. Deze scheurtjes ontstaan door veranderingen in het glasachtig lichaam. Als in de loop van het leven het glasachtig lichaam krimpt en dit proces te snel verloopt, dan kunnen op de aanhechtingsplaatsen gaatjes of scheurtjes in het netvlies ontstaan. Op de plek van het gaatje kan vocht onder het netvlies komen, waardoor het netvlies los komt te liggen. 

Hoge oogdruk

Glaucoom

Glaucoom is een oogziekte waarbij de zenuwvezels van de oogzenuw met verloop van tijd verloren gaan. Deze vezels verbinden het netvlies met de hersenen. Als er schade ontstaat aan deze oogzenuw, wordt minder beeld naar de hersenen getransporteerd en ontstaan er blinde vlekken in het gezichtsveld. De oorzaak van glaucoom is niet helemaal duidelijk. Wel weten we dat het vaak samen gaat met een hoge oogdruk, die de bloedvoorziening naar de oogzenuw afknelt.  

Het is belangrijk om glaucoom zo vroeg mogelijk te herkennen. De schade die ontstaat is namelijk niet te herstellen en het verloren gezichtsveld komt niet meer terug. Wel zijn er behandelingen die de oogdruk kunnen verlagen. Hiermee kan het proces vertraagd en soms zelfs gestopt worden. 

De
Glaucoom vereniging heeft een speciale folder ontwikkeld voor patiënten en betrokkenen. 

Oogkas

Schildklierziekte en oog (Graves)

Graves-Basedow is een aandoening van de schildklier. Bij deze auto-immuun ziekte worden in het lichaam afweer- of antistoffen aangemaakt die delen van het eigen lichaam kunnen aantasten. Dit kan onder andere leiden tot de oogafwijking Graves Orbitopathie (GO). 

Bij GO ontstaat er een ontsteking in de oogkas (orbita). De spieren van het oog, van de oogleden en het vet in de oogkas kunnen worden aangetast. De ontsteking veroorzaakt littekenvorming en de vetten en spieren zetten uit. Hierdoor kan het oog naar buiten geduwd worden (ook wel propotis genoemd). Soms komt de oogzenuw dan onder spanning te staan, waardoor het zicht minder kan worden.

Overige oogproblemen

Lui oog

Als een oog een goed gezichtsvermogen ontwikkelt terwijl het andere oog dat niet doet, noemen we het oog met het slechtere gezichtsvermogen het 'lui oog'. Een kind ontwikkelt een sterke voorkeur om met het goede oog te kijken waardoor het kind het luie oog niet of veel minder gebruikt. Het valt niet altijd op dat een kind een lui oog heeft. Het goede oog ziet vaak goed genoeg om het luie oog te compenseren. De afwijking komt echter redelijk vaak voor: bij vier op de honderd volwassenen. Meestal is slechts één van de twee ogen lui, maar een 'lui oog' kan in zeldzame gevallen ook aan beide ogen voorkomen.

Scheelzien

Scheelzien wil zeggen dat beide ogen niet op hetzelfde punt gericht zijn. Het afwijkende oog kan naar binnen, naar buiten, naar boven of naar beneden staan. Ook een combinatie hiervan is mogelijk. Bij drie tot vijf procent van de bevolking komt scheelzien voor. Een flinke scheelziensafwijking is duidelijk zichtbaar, maar er zijn ook kleine scheelziensafwijkingen die niet of nauwelijks opvallen en daardoor minder ernstig lijken. Toch zijn de gevolgen van een kleine afwijking gelijk of soms erger dan van een grote afwijking. Een kleine scheelziensafwijking kan alleen door gericht onderzoek worden ontdekt.

Deze website maakt gebruik van cookies.

Amphia gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies in onze disclaimer.